logo WPVL
newtonprent
Isaac Newton
1. Korte biografische schets: 'Isaac Newton'


Situering in tijd en ruimte:

Isaac Newton is geboren te Woolstrope in Engeland op 4 januari 1643 in een familie van kleine
 grootgrondbezitters. Zijn vader heeft hij nooit gekend. Deze is overleden enkele maanden voor
zijn geboorte. Zijn moeder vond snel een nieuwe man. Zij verhuisde en liet haar eigen zoon
achter bij haar eigen moeder. Daar werd hij opgevoed en onderricht tot het jaar 1656. De man
van zijn moeder was overleden, waardoor zij de opvoeding van haar kind terug op zich nam.
Zij
wilde hem opleiden tot de beheerder van haar bezitting. Maar Newton had daarvoor geen
interesse, hij wilde enkel wiskundige werken bestuderen. Daarom zond zij hem naar de
universiteit te Cambridge, in de hoop dat hij daar kon ontwikkelen tot een grootleermeester.
Toch kon hij zich nog niet helemaal ontpoppen tot het genie dat we vandaag de dag kennen.
Dit gebeurde pas in het jaar 1665 wanneer er een pestepidemie uitbrak in de stad Cambridge.
De universiteit moest noodgedwongen haar deuren sluiten, waardoor hij opnieuw terecht kwam
in zijn eigen geboortedorp. Daar ontdekte hij op zijn eentje nieuwe dingen. Deze ontdekkingen
schreef hij neer in verschillende boeken. Op aandringen van anderen werden deze boeken gepubliceerd. Maar helaas, kon hij niet eeuwig nieuwe theorieën blijven ontwikkelen. Hij kreeg te kampen met een zenuwinzinking in het jaar 1693. Niet veel later wanneer hij aan de betere hand was, kreeg hij de ultieme kans om als opzichter van de Koninklijke munt aan de slag te gaan. Dit deed hij tot hij in het jaar 1703 werd voorgedragen als de president van de Royal Society. Tot zijn dood kon hij deze functie bekleden. In het jaar 1727 stierf hij op 84 jarige leeftijd op 31 maart te Londen.


Situering in historische context:

Isaac Newton was allesbehalve een gemakkelijk man. Hij was zeer teruggetrokken, nors en nam nauwelijks tijd voor ontspanning. Hij was ervan overtuigd dat je best zo min mogelijk tijd verloor aan entertainment en ontspanning, maar al je tijd stak in het studeren. Het is dan ook niet te verwonderen dat deze man weinig vrienden had. Toch was hij zeer populair. Door zijn grote kennis en ontdekkingen op wetenschappelijk vlak, kon hij rekenen op  herkenning. Zijn voornaamste uitvindingen zijn ten eerste de theorieën die hij ontwikkeld heeft rond de universele zwaartekracht. In het driedelige boek de ‘Principia’ doet hij alles uit de doeken. Ten tweede heeft hij de differentiaal en integraalrekening uitgevonden. Hij was weliswaar niet de enige met deze uitvinding. Toch is het merkwaardig dat hij op hetzelfde moment als Liebniz onafhankelijk met deze uitvinding op de proppen kwam. Als derde was hij de eerste wetenschapper die op een correcte wiskundige manier het heelal beschreef. Ten vierde maakte hij een verbeterde versie van de spiegeltelescoop, wat van een groot belang geweest is voor de ontwikkeling van de telescopen van de vandaag de dag. Tot slot heeft Newton een belangrijke bijdrage geleverd als het gaat over de theorieën rond licht en kleuren. Isaac Newton was dus het wetenschappelijk genie van de 17de eeuw. Hij zal herinnerd worden als een moeilijke man dat leefde voor de studie van de wetenschap.

2. Newton tijdens de lessen wiskunde

In het 2de jaar van de tweede graad maken de leerlingen tijdens de lessen getallenleer voor het eerst kennis met de wiskundige theorieën van Isaac Newton. Het is evengoed mogelijk dat deze theorie pas aanbod komt in de derde graad. Dit hangt van school tot school af en het handboek dat men verkiest. De theorie die aangeleerd wordt, is meestal niet eenvoudig voor leerlingen. Toch is het belangrijk binnen het domein kansrekenen dat de leerlingen kennismaken met het binomium van Newton.

Wanneer deze moeilijke leerstof verwerkt is, kan het even een verademing
zijn voor de leerlingen om het kort stil te staan bij de uitvinder van dit
binomium. Dit kan op verschillende manieren gebeuren. In dit deel kom je
te weten hoe je Newton tijdens de lessen wiskunde ter sprake kan brengen.

De leerlingen hebben normaal gezien tijdens de lessen fysica of
natuurwetenschappen, kennisgemaakt met het grote genie van de 17de eeuw.
Isaac Newton zou dus normaal gezien niet onbekend voor hen mogen zijn.
Vandaar kan je als leerkracht rekenen op hun voorkennis en hiernaar polsen.
Je kan dat doen door er gewoon naar te vragen. Maar misschien is het leuker
om met onderstaande cartoon van start te gaan.  Je projecteert deze op het
bord en stelt de volgende vragen:

bronnenanalysenewton

Bovenstaand onderzoek  is een typisch voorbeeld van bronnenanalyse. Als wiskundige zal je deze methode waarschijnlijk niet kennen, of weinig moeten toepassen tijdens je lessen wiskunde. Voor de leerkrachten geschiedenis is de bronnenanalyse volgens de TIA-mehtode een must. Het principe is zeer eenvoudig.  Je stelt als leerkracht eerst enkele translatievragen. Deze vragen zijn duidelijk en zijn enkel gericht op wat de leerling ziet of leest. Daarna stel je als leerkracht enkele interpretatievragen. De mening van de leerling wordt verwerkt in het antwoord op deze vragen. Tot slot probeer je te abstraheren samen met de leerlingen. Je stelt daarvoor enkele abstractievragen bij de bron. De leerlingen moeten nadenken en linken leggen tussen de zaken die ze al kennen vanuit hun eigen voorkennis. De antwoorden op deze vragen kan je verzamelen op bord zodat je een overzicht krijgt. Dus voor deze bron is de bronnenanalyse volgens de TIA-mehtode een zeer handig gegeven.

Na het bronnenonderzoek kan je als leerkracht nog wat extra informatie geven bij de persoon of kan je de overgang maken naar de les over het binomium van Newton.

 

 

cartoonnewton
Pythagorasnav
Homenav

welkomstwoord

geschiedenisnav



























lesmateriaalnav

woordenboeknav

wiskrantnav

wwwnav

raadselsnav

forumnav

Wiskundewandelingnav

wiskalendernav

Casionav
Thalesnav
eschernav
chaslesmobiusnav
gaussnav
laplacenav
eulernav
newtonnav
pascal nav
descartesnav
Stevinnav
DaVincinav
Eratosthenes
Euclidesnav